Home

Vorig jaar.
Op koninginnedag naar het voetbalveld lopen, dat was wel ongeveer zoveel als ik op een dag aankon. Met de baby. En als ik dan ook nog terugliep, dan had ik – hoe zal ik het zeggen? – een zeer productieve dag gehad. Ik liep met de wandelwagen achter de fanfare aan, in een stoet van oranje uitgedoste dorpsschoolkinderen en hun ouders. Ik hoopte op een gemoedelijk vrijmarktje, daar op het voetbalveld. Leuke meuk op een kleedje. In plaats daarvan klonk er harde muziek uit grote speakers, afgewisseld door de stemmen van -zo te horen- de schooljuffrouw en de man die de leiding had over de barbecue. Ik kende er niemand. Er waren een springkasteel en een draaimolentje met eigen muziek. De burgemeester kwam het draaimolentje ceremonieel openen, ambtsketting op de buik. Een fotograaf legde de feestelijkheden vast. Alle schoolkinderen van het dorp gilden er lustig op los. De zon scheen fel. Daarna werden er 50 ballonnen opgelaten, zo, hoepla, het natuurgebied in, waar ze nog een jaar of 30 plasticmoleculen af zouden geven aan bodem en grondwater tot ze tenslotte zo uiteengevallen zouden zijn dat wij ze ‘afgebroken’ zouden kunnen noemen om er verder niet over na te hoeven denken. Tenzij ze natuurlijk terechtkomen in de maag van vogels en vissen, die er in Nederlandse natuurgebieden en op zee massaal aan doodgaan, aan die feestelijke ballonnen van ons. Toen ik het na een seconde of 30 echt niet langer trok op het voetbalveld, liep ik met zoon terug naar huis. In de felle zon. Alwaar mijn sleutels spoorloos bleken.

Dus liep ik opnieuw met de wandelwagen naar het voetbalveld. Ik vroeg aan de man van de barbecue of er een sleutelbos gevonden was. De man draaide de barbecue lager, greep zijn microfoon en zette de muziek uit. “Attentie, attentie,” zei de man van de barbecue. Hij knipoogde naar me. Op het voetbalveld draaien alle hoofden onze kant op. De draaimolen kwam piepend tot stilstand. Op het springkussen viel een peuter om. Hij rolde over de bolling van het kussen naar achteren en verdween in de spleet tussen het kussen en de muren van het springkasteel. Het werd stil. In de verte hoorde ik een kraai schreeuwen. “Heeft er iemand een sleutelbos gevonden?” riep de man van de barbecue in de microfoon. Rondom mij blikkerde het oranje in de zon.

Thuis klom ik achter het huis over de schutting. Ik deed de poort in de schutting aan de binnenkant van het slot, trok hem open en reed de wandelwagen de tuin in. Ik gluurde door het keukenraam en zag mijn sleutelbos binnen liggen. Ik belde Man. Hij kon wel iets eerder van zijn werk naar huis, zei hij. Ik zou een uur moeten wachten. Ik ging op de tuinbank zitten, in de halfschaduw onder de pergola, en trok de baby zijn kletsnatte luier uit. De luiers en billendoekjes lagen binnen. Ik vergat vaak iets. Er was in mijn zwangerschap een hersenverweking opgetreden die met de komst van Zoon niet helemaal geweken leek. Ik begon er al aan te wennen. Ik wikkelde hem in een doek die in de wandelwagen lag. Het kind poepte in die tijd ongeveer eens in de vier dagen en scheet nu meteen de hele doek onder. Ik veegde de boel zo goed en kwaad als ik kon schoon met de doek. Ik trok mijn t-shirt uit en vouwde dat om zijn billen. Ik zat in mijn beha. De zon bleef maar schijnen. Mijn ogen en huid vonden het licht nogal oorverdovend. Zoon pieste mijn t-shirt nat. Ik moest zelf inmiddels ook zo nodig plassen dat ik nergens anders meer aan kon denken. De zon brandde, had ik dat al genoemd? Honger, dorst, poep, pies, baby, sleutels. Zo kan ik niet denken. Eerst een plas. Nodig, nodig. Ik hurkte tussen de vergeet-mij-nietjes met een volle blaas die erom schreeuwde geleegd te worden en ging met mijn volle gewicht en mijn blote voeten op een rozendoorn staan.

Zo trof Man mij aan. Gehurkt, topless en bloedend, met een vieze baby in de halfschaduw van de pergola.

Leve de koningin.
119

Advertenties

10 thoughts on “Honger, dorst, poep, pies

  1. Het zal niet netjes zijn en ik heb met je te doen, want ik heb geen Man en geen Kind en dus niet deze perikelen, maar toch….ik heb tranen met tuiten gelachen zojuist! Och, och, wat grappig.
    Leve Dymph!
    Groetjes,
    Nettie.

    • Ja, maar tegelijkertijd voelt pech hebben ook altijd wel als een avontuur, op een of andere manier. En een beetje grappig, door het ‘leed’ heen.

  2. tja, poep en pies leveren natuurlijk altijd een mooi verhaal op! Gelukkig was dit jaar een zoveel betere Koninginnedag en kun je nu lachen om wat vorig jaar was.

reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s